Deze chique dame, gekleed in een witzijden jurk, kijkt peinzend in de verte. Het is ongetwijfeld de brief in haar rechterhand die haar gedachten bezighoudt. De rust en de contemplatie die de schilder in het schilderij weet te leggen, contrasteert sterk met de politieke situatie in 1789, het jaar dat Wilhelmina van Pruisen wordt geportretteerd. De Franse Revolutie breekt uit, haar volle neef koning Gustav III van Zweden wordt vermoord, en ook de vorstin zelf ontvangt doodsbedreigingen.

Prinsgezind
Als echtgenote van Willem V, de erfstadhouder van de Republiek der Verenigde Nederlanden, had Wilhelmina een flinke vinger in de pap. Dat betrof niet alleen de opvoeding en het onderricht van haar kinderen, waar zij volgens de gebruiken van haar tijd veel aandacht aan besteedde. Toen de Republiek als gevolg van de Vierde Engelse Zeeoorlog (1780-1784) in grote financiële en politieke problemen kwam, begon zij zich steeds nadrukkelijker op het politieke toneel te begeven. Door de oorlog ontstonden twee kampen in de Republiek, de patriotten en de prinsgezinden. Wilhelmina ontwikkelde zich tot de leidster van de prinsgezinden: zij omringde zich met vertrouwelingen uit binnen- en buitenland en ze correspondeerde druk met politieke bondgenoten. Zo kundig was Wilhelmina dat sommigen, zoals de rijngraaf van Salm, wensten dat zij de leidinggevende positie van haar man zou overnemen. ‘Ik zal mij niet onttrekken aan wat ik nog ten goede kan doen,’ schreef Wilhelmina aan haar oom Frederik de Grote, ‘maar in wat de rijngraaf wil, kan ik niet treden, want verdeeldheid in ons gezin zoude ons Huis den genadeslag geven en onze tegenstanders willen niets liever dan ons door elkander ten gronde richten.’
Portret van prinses Frederika Sophia Wilhelmina, (1751-1820). Johann Friedrich August Tischbein (1750 – 1812), 1789. Collectie · Mauritshuis, Den Haag.
Dat de vorstin voor geen kleintje vervaard is blijkt uit de episode die is weergegeven in dit schilderij. Als het patriottische gewest Holland zich tegen het prinselijk paar keert, lijkt het verstandig dat Wilhelmina en Willem naar elders uitwijken; zij vestigen zich in het prinsgezinde Nijmegen. Wilhelmina besluit evenwel om in Den Haag verhaal te gaan halen; de verregaande inperking van de macht van de prins in het gewest Holland zint haar niet. In het geheim trekt zij (tegen het advies van Willem in) met een klein gezelschap naar Den Haag, om in de Staten-Generaal voor haar man te pleiten.
Heerszuchtig manwijf
Zij zal de hofstad nooit bereiken. In de buurt van Hekendorp wordt Wilhelmina aangehouden en gevangengenomen door het Patriottisch Vrijkorps. In een boerderij bij de Goejanverwellesluis wordt zij ondervraagd. Al is het originele plan mislukt, de intelligente Wilhelmina weet de situatie toch naar haar hand te zetten. Zeer verontwaardigd over de gang van zaken eist zij genoegdoening, een eis die wordt ondersteund door haar broer Frederik Willem II, die intussen koning van Pruisen is geworden. Wilhelmina weet te bereiken dat Pruisische troepen in de herfst van 1787 de Republiek binnenvallen en helpen het stadhouderschap te herstellen. Dat de patriotten haar vanwege haar ingrijpen beschouwen als ‘heerszuchtig manwijf’ kan haar weinig schelen. De machtspositie van haar familie is immers voorlopig hersteld. En daar ging het toch om?